De broeders van Taizé ontvangen

de Freedom Award voor vrijheid van godsdienst

FOUR FREEDOMS AWARD
Broeder Alois van Taizé nam namens de hele communiteit van Taizé op 13 mei 2006 de Freedom of Worship Award in ontvangst van het Roosevelt Instituut. Om de twee jaar worden de Four Freedoms Awards te Middelburg uitgereikt aan instellingen of personen die zich inzetten voor de vrijheid van godsdienst, de vrijheid van meningsuiting, de vrijwaring van gebrek en de vrijwaring van vrees.

In de befaamde rede tot het congres op 6 januari 1941 noemde president Roosevelt deze vier vrijheden essentieel voor de mensheid. De onderscheiding wordt in Middelburg uitgereikt omdat de voorouders van Roosevelt van Zeeuwse komaf waren.

De juryleden van deze onderscheiding zijn van mening dat de gemeenschap van Taizé een voorbeeld is van de inzet voor vrijheid van godsdienst en overtuiging, die president Roosevelt beschouwde als een noodzakelijke voorwaarde voor een betere wereld…
Broeder Alois kwam samen met enkele Nederlandse broeders. Hij wilde alleen komen als er ook de mogelijkheid was te bidden.
Zo was er een hele ontmoetingsdag in Middelburg georganiseerd waaraan ongeveer 400 jongeren deelnamen.

Broeder Alois ontving deze onderscheiding in aanwezigheid van leden van het koningshuis, premier J.P. Balkenende, de ministers Donner en Bot, vertegenwoordigers van de protestantse Kerken en de bisschoppen Van Luyn en Muskens.

In zijn dankwoord benadrukte broeder Alois dat de vrijheid van godsdienst en de gewetensvrijheid nauw met elkaar verbonden zijn en deze waarde essentieel is voor elk menselijk wezen.

"Wij willen de bijzondere betekenis van het leven van uw stichter, broeder Roger, onderstrepen, zei hij. Zijn overtuiging dat God verbonden is met ieder mens zonder uitzondering en dat de hoogste waarde van het evangelie wordt uitgedrukt in de goedheid van hart, is een boodschap die niemand mag vergeten."
Hij erkent dat de plotselinge dood van broeder Roger veel veranderd heeft. "Alles is veranderd maar er is tegelijkertijd ook niets veranderd"
zegt hij. "Onze stichter is er niet meer. We hebben echter gemerkt dat zijn dood ons dichter bij elkaar heeft gebracht. Dagelijks bidden we voor de vrouw die hem om het leven heeft gebracht. We vragen of God haar wil vergeven."

De verzoening tussen de Christenen houdt nog altijd de aandacht van Alois. "Eind mei ga ik naar Moskou. In januari bezocht ik paus Benedictus XVI. De relaties met hem zijn goed. Op de dag na de dood van Frère Roger zei hij: "We moeten meer luisteren naar de teksten van Broeder Roger over de spirituele oecumene". Juist als we in gebed stil zijn voor God, maakt God ons één in het gebed" besluit Alois het gesprek.

De andere prijswinnaars in 2006 van deze onderscheiding zijn: Dr. Mohamed ElBaradei uit Egypte, directeur generaal van het Internationaal Atoomenergie Agentschap (IAEA) “voor zijn pioniersrol bij het ontwikkelen van internationale, politieke mechanismen voor de controle op en de beperking van de productie van nucleaire wapens”; de Mexicaanse schrijver Carlos Fuentes – “hij is bovenal een vurig verdediger van het recht op vrijheid van meningsuiting”; Mohammad Yunus uit Bangladesh – “zijn leidende rol bij de oprichting van de Grameen Bank en de ontwikkeling van het mikrokrediet heeft miljoenen mensen in ontwikkelingslanden geholpen om een beter leven op te bouwen” (vrijwaring van gebrek); en Aung San Suu Kyi uit Myanmar, “die de hoop op vrijheid, gerechtigheid en democratie voor haar volk levend hield” (vrijwaring van angst).

Overweging van broeder Alois tijdens het gebed in de Nieuwe kerk.

Middelburg 13 mei 2006


Voor ons, de broeders, is het een grote vreugde om in Nederland te zijn en vanavond dit mooie gebed met u te vieren. (Broeder Aloïs vervolgt met enkele geïmproviseerde begroetingen aan onder andere de familie van de zieke broeder François)

Zoals ik zei vanmorgen, is het waar dat wij eerst in verlegenheid gebracht waren toen de brief kwam van het Roosevelt Instituut. We vroegen ons af: als we deze prijs aanvaarden, zullen we ons dan niet op de voorgrond plaatsen?
Toen zag ik de gezichten voor me van vele mensen die wij in de loop van de geschiedenis van onze gemeenschap begeleid hebben in hun strijd voor vrijheid van geweten. Ik zag vooral de gezichten van de jongeren uit Oost-Europa die we vele jaren bezochten, toen zij opgesloten zaten achter hun grenzen. Ik zei tot mijzelf: met hen allemaal, voor hen allemaal zullen wij "ja'' zeggen.
Vrijheid van godsdienst is nauw verbonden met vrijheid van geweten. Dat is een waarde die zo wezenlijk en zo kostbaar is voor elk mens. Op dit moment reizen drie van onze broeders onopvallend in een land waar de vrijheid om je geloof te beoefenen nog niet voor iedereen gegarandeerd is. Onze broeders bezoeken daar christenen om hen te bemoedigen en om hen te steunen in hun gebed.


Vanmorgen zei ik dat de hindernissen voor vrijheid niet alleen uiterlijke hindernissen zijn. Soms bestaan ze in het mensenhart. Een leerling van Jezus, Paulus, schreef: "Waar de Geest van de Heer is, daar is vrijheid." De vrijheid die God schenkt, is een vrijheid van het hart. Deze vrijheid wordt geput uit een bron. Welke bron is dit?

De bron van de liefde die God aan ieder mens schenkt.

God is niet een strenge rechter die bang maakt. In een relatie met zo'n God kan geen vrijheid bestaan.

God kan alleen maar liefhebben. Gods liefde voor ieder van ons is een onuitputtelijke bron van vrijheid. Het is aan ons om die liefde aan te nemen, en dan zijn wij vrij. Vrij om te leven, vrij om op onze beurt lief te hebben, en zelfs vrij om ons leven voor liefde te geven.


In ieder van ons bestaat het verlangen, de dorst naar iets absoluuts. De vrijheid van hart die van God komt, stelt ons in staat om zelfs een "ja" tot God te zeggen voor heel ons leven, een "ja" waarop je niet kunt terugkomen. Dat "ja" zet ons ertoe aan vooruit te gaan op een wijze die we nauwelijks voor mogelijk hielden. Zodat we een teken van vrede kunnen zijn door het leven dat we leiden, met alle christenen, en in de Kerk.


Natuurlijk vraagt het moed om deze weg in te slaan. Als we jong zijn, kunnen we bang zijn. We willen dan liever niet kiezen en willen alle mogelijkheden open houden. Maar waar kunnen wij een zin voor ons leven vinden, als wij niet het risico nemen om Gods oneindige liefde te beantwoorden met de gave van heel ons leven?

Is het mogelijk dit te doen als wij jong zijn?

Ja, de apostelen van Jezus waren zelf jong. Zij namen het risico om uit te gaan in de wereld. De evangelietekst die wij zo even hoorden, sprak ons over de eerste persoon die geloofde dat Gods liefde sterker was dan haat en dood. Zij was een vrouw: Maria Magdalena. Zij huilt bij het graf van Jezus. Dan komt Jezus, die opgestaan is uit de dood, tot haar. Hij doet dit op een totaal onverwachte wijze. Niet triomfantelijk, maar zo nederig dat zij Hem niet herkent. Zij denkt dat Hij de tuinman is van de begraafplaats. Jezus zegt haar een woord dat alles verandert. Hij noemt haar bij haar naam: "Maria." Het bijzondere is dat Maria de stem van Jezus herkent in haar hart.

Ze keert zich naar Hem toe, en spreekt Hem aan met: "Rabbuni, Heer." Een nieuw leven begint in haar.
Zij vertrouwt dat Gods liefde dichtbij is, ook al is de aanwezigheid van Jezus van nu af aan onzichtbaar voor de ogen. Dan stuurt de opgestane Christus haar weg met de woorden: "Ga naar mijn leerlingen toe!"


Christus roept ook ons bij onze naam. Hij zegt tot ons: "Ga! Geef mijn liefde door aan anderen door je leven." De moed van Maria Magdalena moedigt ons aan. Deze vrouw was helemaal alleen. Ze waagde het om naar de leerlingen te gaan om hun iets ongeloofelijks te vertellen: "Christus is opgestaan!"
Vandaag zijn wij als Maria Magdalena bij het graf. Wij aanvaarden dat er in ons een verlangen is en onopgeloste vragen.
En we gaan verder: door het gebed en het samen zingen geven wij uitdrukking aan dat verlangen met heel ons wezen. Dit verlangen naar gemeenschap stelt ons in staat ons leven te verwortelen in het vertrouwen in God.

broeder Alois